Subsidies platteland
Provinciaal meerjarenprogramma (Pmjp) en Leader
Met behulp van gemeentelijke, provinciale, nationale en Europese subsidies zijn diverse bedrijven en activiteiten tot stand gekomen. Vanaf 2003 tot en met het jaar 2006 is met het subsidieprogramma Leader+ door een gemeentelijke bijdrage van een half miljoen euro een totale investering in het buitengebied gerealiseerd van rond de 5 miljoen euro. Aan de subsidieprogramma’s D2 en POP heeft de gemeente in een zelfde periode 750 duizend euro bijgedragen om een totale investering van bijna 13 miljoen euro tot stand te brengen.
Naast confinanciering van provinciale en Europese subsidietrajecten heeft de gemeente Hof van Twente alleen al in 2006 ruim 230 duizend euro bijgedragen aan de ontwikkeling van het platteland.
Enkele voorbeeld projecten die dankzij gemeentelijke cofinanciering tot stand zijn gekomen zijn:
- Een pitch en puttbaan in Diepenheim waar mensen de basis van het golfspel kunnen leren.
- Het project ‘de Stijgbeugel’, een manege die is omgebouwd tot een leerschool voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen.
- Better Beantel in Bentelo. Dit is een project, waarbij de bewoners van Bentelo zich met ondersteuning van professionals inzetten voor een beter Bentelo (Better Beantel). Dit gebeurt onder andere door de herinrichting van boerenerven en fruitboomgaarden volgens oude Twentse gebruiken, het tonen van streekverhalen en ambachten en het realiseren van een streekdocumentaire.
- Water rond en d'rom Westerflier. Een investering in landschap, water en een toeristische fietsroute.
- Buurtschap Azelo. Hiervoor wordt een programma van maatregelen opgezet op het gebied van leefbaarheid en economie. De maatregelen voor het omliggende gebied Azelerbeek richten zich op de versterking van landbouw, recreatie, natuur en landschap.
Provinciaal meerjarenprogramma
Rijksmiddelen uit het Nederlandse Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG) zijn overgedragen aan de provincie, die hiertoe een provinciaal meerjarenprogramma hebben opgesteld (Pmjp). Het provinciaal meerjaren programma is basis voor prestatieafspraken tussen Rijk en provincie. In het ILG zijn geen Europese middelen aanwezig. De financiering in het Pmjp is nationaal en de doelstellingen worden in eerste instantie ‘top-down’ gestuurd. Wel is er op gebiedsniveau ruimte voor ‘bottom-up’ inbreng, bijvoorbeeld in de vorm van gebiedscommissies die de reconstructiedoelen voor een bepaald gebied specificeren. De provincie maakt op haar beurt meerjaren afspraken met de gemeenten en waterschappen rondom voorstaande doelen. De doorstroming van de middelen aan de gemeenten gebeurt volgens het regiem van het Uitvoeringsbesluit subsidies van de provincie (UBS).
Europese subsisieprogramma’s zijn POPII en D2. D2 is een economisch ontwikkelingsprogramma voor de steden met een zone van 10 km vanuit de stadsrand. De exacte inhoud voor het programma vanaf 2007 is nog niet bekend.
POP II is een programma met de thema’s landbouwinnovatie, landschap, diversificatie (economie) en leefbaarheid. Voor toepassing van POP II wordt een provinciaal programma geschreven. De 2 assen leefbaarheid en economie, worden voor een deel volgens de Leader+ methode uitgezet. Qua doelstellingen sluit Leader+ wat dat betreft aan op nationale doelstellingen wat betreft sociale en economische vitaliteit. Leader+ is daarmee een subprogramma van POP II. Voor het Leader programma wordt een ontwikkelingsvisie geschreven. Leader+ is één van de communautaire initiatieven van de Europese Commissie (EC). LEADER staat voor Liaison Entre Actions de Développement de l'Economie Rurale, en is een experimenteel programma waarmee sociaal-economische impulsen op gebiedsniveau worden gegeven. Dit gebeurt door middel van financiering van lokale en regionale initiatieven. De fondsen vormen onderdeel van de zogenaamde structuurfondsen die bedoeld zijn om marginale regio's mee te trekken in de vaart der volkeren.
Projecten zijn in de vorige programmaperiode als volgt gefinancierd: 40% Europese bijdrage, 15% gemeentelijke bijdrage, 15% provinciale bijdrage en 30% private bijdrage.
Het verschil met het Pmjp / ILG / Reconstructie is dat Leader+ zeer nadrukkelijk een ‘bottom-up’ benadering heeft. Leader+ wordt wel genoemd: de kraamkamer voor nieuw plattelandsbeleid. De regie over de besteding van de Leader+ fondsen is in handen van een ‘plaatselijke groep’. Tevens is samenwerking tussen gebieden/gemeenten een belangrijk thema. De gemeente Hof van Twente vormt in Leader+ een samenwerkingsverband met de andere gemeenten in Zuid-Twente.
Voor vragen over het Europese subsidieprogramma kunt u contact opnemen met de afdeling Ruimtelijke en Economische Ontwikkeling of kijk op:
www.leader-zuidtwente.nl
www.overijssel.nl
