Een persoonlijk verhaal uit de noodopvang

13 maart 2026

Op dit moment zijn er 2 noodopvanglocaties voor asielzoekers in de gemeente Hof van Twente. In een leegstaande voormalige basisschool in Markelo is tijdelijk plek voor 75 asielzoekers. De bewoners hebben allerlei leeftijden en nationaliteiten. De opvanglocatie in Delden bij het Aparthotel kent 50 opvangplekken en deze zijn speciaal voor alleenreizende minderjarige vreemdelingen (AMV). Beide locaties worden beheerd door het COA. Bij de COA-locaties in de Hof van Twente is regelmatig contact met de buurt via een frequent omwonendenoverleg. De gemeente sluit ook altijd aan bij deze bijeenkomsten. Daarnaast organiseert het COA ook activiteiten op de landelijke burendag in september. Meestal in de vorm van een open huis. Om de wereld van deze jongeren die in een opvang leven, beter te leren kennen, ging de gemeente met de 18-jarige Taha in gesprek.

In gesprek met Taha

Taha: “Ik voel me hier veilig en kan eindelijk aan mijn toekomst werken”.  De 18-jarige Taha woont ruim anderhalf jaar in Nederland. Hij kwam op zijn zestiende alleen vanuit Syrië naar Nederland, op zoek naar veiligheid en een nieuwe toekomst. Inmiddels volgt hij de opleiding Assistent Dienstverlening, Zorg en Welzijn aan het ROC van Twente in Hengelo en woonde hij met andere jongeren in het opvangcentrum in Delden (locatie Alleenstaande Minderjarige Vreemdelingen, AMV) en sinds kort in Hengelo. Ondanks een bewogen verleden straalt Taha vooral positiviteit en doorzettingsvermogen uit. 

“Toen ik naar Nederland kwam, sprak ik geen woord Nederlands of Engels,” vertelt hij met een glimlach. “Ik kon alleen Arabisch. Maar ik wilde graag leren. Nu kan ik gewoon met mensen praten, op school, tijdens mijn werk en met mijn begeleiders. Dat maakt me trots.”  Naast zijn opleiding werkt Taha in de horeca, waar hij helpt met bezorgen en het klaarmaken van eten. Veel vrije tijd heeft hij niet, maar als het even kan, gaat hij graag zwemmen of voetballen met vrienden. “Sport helpt me ontspannen,” zegt hij. “En ik leer ook veel van de mensen om me heen. Ze helpen me met de taal en ik leer elke dag nieuwe woorden.”  Wat hem het meest opvalt aan Nederland? “De mensen zijn vriendelijk en open. Iedereen is gelijk, en ik voel me hier veilig. Dat is iets wat ik in Syrië niet meer kende.” Ook de fietsen vindt hij bijzonder: “Iedereen heeft hier wel twee of drie fietsen, voor werk of voor hobby. Dat vond ik in het begin heel grappig!” 

Zijn verhaal is indrukwekkend. De reis naar Nederland was zwaar en gevaarlijk. “Ik zat 28 uur op een kleine boot met 150 mensen. Geen water, geen eten, gelukkig heb ik het gered. En nu wil ik iets goeds van mijn leven maken.” 

Ondanks alle onzekerheden – hij wacht nog op duidelijkheid over zijn verblijfsstatus -blijft hij positief: “Ik denk elke dag na over mijn toekomst. Ik wil mijn diploma halen, verder studeren en later anderen helpen. Misschien in de zorg, of als maatschappelijk werker. Als ik mijn rijbewijs heb, kan ik ook meer werken en zelfstandig worden.” 

Taha benadrukt dat veel jongeren in het AZC hard werken aan hun toekomst. “We willen allemaal leren, werken en een goed leven opbouwen. Soms horen mensen alleen negatieve verhalen over vluchtelingen, maar dat is niet eerlijk. De meeste jongeren willen juist iets bijdragen. We zijn gemotiveerd, vriendelijk en we doen ons best.” 

Zijn grootste droom? “Een diploma halen en een vaste plek vinden. En hopelijk op een dag mijn familie weer zien. Tot die tijd blijf ik doorgaan, positief denken en hard werken. Want ik weet: als ik mijn best doe, komt het goed.” 

Taha laat zien wat veerkracht betekent: met open blik, veel humor en een groot hart werkt hij stap voor stap aan een veilige toekomst in Nederland.