Lees hier de column van burgemeester Ellen Nauta

Als ik u vertel dat wij helemaal naar Palo Alto moesten reizen om daar Duitse collega’s te treffen en dan samen met Amerikaanse collega’s te spreken over duurzaamheid, zou u mij waarschijnlijk voor gek verslijten. En toch was ik de Hemelvaartsweek in Palo Alto, in het hart van Silicon Valley. Op uitnodiging van de burgemeester van Enschede ging ik mee met een missie die bestond uit vertegenwoordigers van de Universiteit Twente, een aantal mooie Twentse bedrijven en gemeenten. Deze drie groepen werken samen in de Twente Board, die dagelijks werkt aan de verdere economische ontwikkeling van Twente. Onze Duitse collega’s kennen een soortgelijke samenwerking die rond Münster is gevormd. En Palo Alto is zusterstad van Enschede, Fresno van Münster en zo is de cirkel rond. Californië is een van de meest vooruitstrevende staten in Amerika als het gaat om duurzaamheid en Palo Alto een van de meest duurzame steden in deze staat. Palo Alto maakt dankbaar gebruik van nieuwe technologieën die in Silicon Valley worden ontwikkeld door bedrijven en de Stanford University.

De steden Münster en Enschede werken sinds enige tijd aan een grensoverschrijdend energiecluster. Belangrijk onderdeel van dit cluster is onderzoek naar de mogelijkheden van batterijopslag. Kennis uit Silicon Valley kan ons verder helpen met de ontwikkeling van zo’n energiecluster. Maar we komen ook iets brengen naar onze Amerikaanse collega’s. Want wij zitten samen met de Duitsers in een unieke regio, waar innovatieve bedrijven uit Amerika prima passen. Bovendien zijn wij in Nederland verder als het gaat om de wijkaanpak en het bereikbaar maken van duurzame energie voor een bredere groep dan alleen de (super)rijken. En zo spreken we met alle partners: onze universiteit met Stanford, onze bedrijven met hun Amerikaanse collega’s en de Twentse gemeenten met Palo Alto.

We zijn op bezoek in een wereld vol grote tegenstellingen. De superrijken van Amerika wonen in Silicon Valley. Het huis waar Steve Jobs heeft gewoond wandelen we zomaar voorbij, op weg naar de volgende afspraak. Maar tegelijk is er geen plek voor mensen met een inkomen onder de 120.000 dollar, het bestaansminimum in die regio. Voor ons is dit onvoorstelbaar, voor Amerika dagelijks een harde werkelijkheid. Het levert bij mij een dubbel en naar gevoel op. Je zult maar de armoede in Mexico willen ontvluchten en dan stranden  in Silicon Valley te stranden, waar zelfs vijf banen tegelijk je nooit verder zullen brengen. Dan nog kun je jouw kinderen niet te eten geven, laat staan een plek op school. De talloze zwervers en de tentenkampen onder de viaducten zijn zichtbare bewijzen. We rijden ze voorbij, maar ze laten mij niet los .

Ondertussen vorderen de gesprekken goed. We krijgen veel nuttige informatie en maken afspraken over hoe we verder zullen gaan. Met Münster zal dat sowieso leiden tot concrete resultaten in de vorm van een energiecluster. En de afgelopen jaren hebben bewezen dat de samenwerking met Amerikaanse bedrijven wat langere adem vergt, maar zeker ook tot resultaat leidt.

Ik schreef vorige keer over Brussel. Het werk daar kan ook weer verbonden worden met deze missie. Want ook Brussel investeert veel in duurzaamheid en zoekt naar goede projecten. Nou, die hebben we in Twente genoeg. En door onze samenwerking met Münster ontstaan daar nog meer mogelijkheden. En zo is ook die cirkel rond. Toch fijn om volgende keer weer gewoon over ons mooie Hof van Twente te kunnen schrijven. Elke keer als ik thuiskom, besef ik dat we unmeunig trots mogen zijn op alles wat er is en wat we bereikt hebben. Er kan nog heel veel worden verbeterd, ook dat weet ik best en daar moeten we ook elke dag aan werken. Maar ik vind het fijn om dat door samenwerking te kunnen versterken. Of dat nu is in Twente zelf, in Brussel of in Amerika.

Wilt u alle columns van Ellen nog eens nalezen? Klik dan hier.